Wijziging VVPR-bis stelsel vanaf 2022



Het VVPR-bis regime laat kleine vennootschappen toe om, onder bepaalde voorwaarden, dividenden uit te keren waarop slechts 15% (of 20%) roerende voorheffing moet worden ingehouden in plaats van 30%. Het tarief van 15% is in principe van toepassing voor dividenden verleend of toegekend vanaf het derde boekjaar na dat van de inbreng of kapitaalverhoging. (het tarief van 20% is van toepassing op dividenden toegekend vanaf het tweede boekjaar na dat van de inbreng)


Eén van de voorwaarden luidde dat de inbreng of het kapitaal volledig volstort was op het moment van beslissing tot uitkering. Dit hoefde niet noodzakelijk onmiddellijk bij de oprichting plaats te vinden. De ingang van de wachttermijnen nam dus een aanvang bij de oprichting of kapitaalverhoging en niet bij de volstorting.


Volgens een recent wetsontwerp zou deze regeling vanaf 2022 worden aangepast, op zodanige manier dat de wachttermijn pas zou beginnen lopen vanaf de volledige volstorting. Echter op advies van de raad van state werd de verlenging van deze wachttermijn uit het wetsontwerp gehaald, aangezien dit een afbreuk zou doen aan de gerechtmatigde verwachtingen van ondernemingen die gewerkt hebben met niet-volstort kapitaal. Het is dus nog steeds mogelijk om te volstorten, zonder dat een nieuwe wachttermijn moet doorlopen worden.


Wel werden enkele andere verduidelijkingen gegeven inzake het verbod op de uitgifte van preferente aandelen. Deze voorwaarde zal nu worden vervangen door een verbod om aan aandelen een voorkeursrecht te verbinden ten aanzien van de deelname in het kapitaal of de winst of ten aanzien van de verdeling van het maatschappelijk vermogen.


Voor vennootschappen die tussen 1/05/2019 en 15/12/2021 beslist hebben over te gaan tot een vrijstelling van volstorting van de onderschreven aandelen, waardoor aan de voorwaarde van volstorting in principe nooit meer zou kunnen worden voldaan, en die voor 31/12/2022 een kapitaalverhoging in geld doorvoeren, waardoor het bedrag van het gestorte kapitaal in geldmiddelen opnieuw op dezelfde hoogte wordt gebracht van het initieel onderschreven bedrag voor de vrijstelling tot volstorting, kunnen dividenden in aanmerking komen voor het verlaagde tarief, op voorwaarde dat aan de andere voorwaarden is voldaan.